SAURER
(Zwitserland)
Saurer RH 525-23;
carrosserie: Hess, type IV HU Poly 2 (1978).

Model: TekHoby (Zwitserland), nr. 5401 (uitgebracht 2008); geproduceerd in China. Als voorbeeld diende de bus met kenteken P 24199.
Koersbord: Julier - St. Moritz.

Gegevens over de originele bus:

In 1978 leverde Saurer/Hess deze bus af aan de Zwitserse postbusmaatschappij PTT. De maten zijn afgestemd op het gebruik op de bergwegen en -passen, met lengte 10,83 mtr, breedte 2,30 mtr. en hoogte 3,11 mtr.

Dit bustype is ingericht met 47 zitplaatsen, en geschikt voor maximaal 25 staanplaatsen. De postzakken en postpakketten kunnen via de achterdeur worden geladen, de achterbank is desgewenst naar voren te klappen.


Het speciaal ontwikkelde "Zentralrohr"-chassis type RH 525-23 is voorzien van een liggend achterin geplaatste Saurer-motor van het type D3KTU, voor de PTT gereduceerd tot 220 pk (i.p.v. 250 pk).

De carrosserie bestaat uit een gepatendeerde volledig lichtmetalen constructie. De bussen zijn niet alleen door Hess, maar ook door Tüscher en Ramseier & Jenzer geproduceerd.

Dit bustype is tot 1985 in ca. 135 exemplaren voor de PTT en de Postautohouders geproduceerd, was (en is) zeer geliefd bij chauffeurs én passagiers en geldt nog steeds als de "Rolls Royce" onder de bustypes.

Saurer 1C; 1944 / 1945
Carrosserie: type "Typ Wallis II", carrosseriebouwer: Seitz

Model: Tek-Hoby (Zwitserland) nr. TH 5311, geproduceerd in China (uitgebracht 2006).

Het busmodel is voorzien van het (onjuiste) kenteken P 2002.
Koersbord: Chur - Lenzerheide - Tiefencastel - Julier - St. Moritz.

Gegevens van de originele bus:
chassis-/motortype 1CR1D, 4 cylinder diesel motor met 5,32 ltr. cylinderinhoud en 68 pk.
Lengte 7,53 mtr., wielbasis 4,5 mtr..

Volgens Tek-Hoby zou het gaan om een model van de Saurer 3CT1D "Alpenwagen III", dit klopt niet aangezien het type 3C een lengte had van 9,13 mtr. en een wielbasis van 5,0 mtr. Bovendien heeft de carrosserie bij dit type 4 grote ramen, i.p.v. de 3 bij het type 1C en het model. Het model correspondeert nog het meest met het type "WALLIS II", waarvan er tussen 1944/45 vier stuks zijn gebouwd, de P 1637-1640. In 1954-1958 gingen ze buiten dienst (informatie gekregen van Jan Erik Grunveld).

Ook de sneeuwploeg hoort niet bij het type 1C vanwege het beperkte motorvermogen, de 3C bussen konden wel worden uitgerust met een sneeuwploeg.
Saurer 1C; 1944 / 1945
Carrosserie: type "Typ Wallis II", carrosseriebouwer: Seitz

Model: Vitesse, Portugal (begin 90'er jaren)

Het model is voorzien van het (onjuiste) kenteken P 1220.
Koersbord: Brig - Simplon - Domodossola.

Gegevens van de originele bus:

chassis-/motortype 1CR1D, 4 cylinder diesel motor met 5,32 ltr. cylinderinhoud en 68 pk.
Lengte 7,53 mtr., wielbasis 4,5 mtr.
Dit chassistype werd geproduceerd in de jaren 1944 en 1945.

Het eerder getoonde model van Tek Hoby is niets meer dan een kopie van het Vitesse model. Wel zijn door Tek Hoby enige verbeteringen aangebracht.
Bij wetgeving geregeld werd op 1 januari 1849 de Schweizerische Post en de -Reisepost opgericht. Al snel ontstond een netwerk van lijndiensten per paardenkoets, op het hoogtepunt in 1913 trokken méér dan 2500 paarden de 2231 koetsen en 1059 sleden door Zwitserland over een net van 7012 kilometer en werden in dat jaar 9,7 miljoen reiskilometers afgelegd. De ritten werden niet alleen door de Reisepost uitgevoerd maar ook in licentie door Postkoetshouders.

In 1905 gaf de Reisepost de opdracht aan Berna, Martini en Saurer om ieder een Postauto-omnibus te produceren. Per 1 juni 1906 werden deze 3 bussen ingezet in de regio Bern, maar door de vele technische problemen werd het geen succes. De feitelijke doorbraak van het gemotoriseerde personenvervoer kwam pas in 1918 en in 1923 werden de meeste bergpassen door autobussen bereden.


De Postkoetshouders werden in de gelegenheid gesteld om met de ontwikkelingen mee te doen en als Postautohalter een belangrijke partner te zijn binnen de Postbus-organisatie van de PTT. Ook nu nog spelen de Postautohalter (licentiehouders) met hun bussen een grote rol in het Zwitserse openbaar vervoersysteem.
of ga naar de volgende pagina:
© www.pcreest.nl  02-2010
updated 24-01-2015
 
Klik op de button voor de bekende, nog steeds gebruikte, Posthorn van de postbussen:
Overzicht PostAuto-modellen:
Saurer/Saurer LC2 CBD; 1939.
Carrosserie: Saurer type "Einheitswagen I". In de volksmond kreeg dit busje de bijnaam "Hummeli" (=hommeltje).

Model: Tek-Hoby (Zwitserland) nr. TH 5351, geproduceerd in China (uitgebracht 2010).

Het busmodel is voorzien van het kenteken P 1601.

Gegevens van de originele bus:
chassistype LC2, motortype CBD, een 4 cylinder diesel motor met 2,84 ltr. cylinderinhoud en 50 pk.
Lengte 5,46 mtr., breedte 1,92 mtr., hoogte 2,44 mtr., wielbasis 3,0 mtr., gewicht 2990 kg.
Max. snelheid 45 km/u. Capaciteit: 11 zit- en 3 staanplaatsen.

Saurer introduceerde dit bustype in 1939 en het was bedoeld als Alpenwagen. Al snel bleek dat de motoren te zwak waren voor de bergpassen en werden de 4 exemplaren van dit type (P 1601 - P 1604) overgedaan aan de Postautohalters (er zijn nog wel andere bustypes gebouwd in deze afmetingen).
De P 1601 kwam bij Postautohalter Nussbaumer in Ganterschwil, in het Kanton St.Gallen. Deze zette het busje tot 1950 in op de Kurs van Ganterschwil naar het 3 kilometer verder gelegen Bütschwil.
Van 1950 tot 1968 werd het busje ingezet bij Postautohalter Menzi in Schlatt, in het Kanton Thurgau.
De P 1601 is (als enige) bewaard gebleven als museumbus en rijvaardig, en staat tentoongesteld in het Museum für Kommunikation in Bern.

TekHoby heeft een fraaie en nagenoeg perfect kunststof model laten produceren (ten onrechte aangeduid als type KC2CBD), het kan de vergelijking met (foto's van) het origineel volledig doorstaan. Tot in de kleinste details nagebouwd, vooral ook het interieur. Enige minpuntje is de erg dunne beglazing, die daardoor niet helemaal strak is. Ongeveer het kleinste busmodel in mijn verzameling, maar ook de duurste......
In de directe vergelijking wordt duidelijk dat Saurer in staat was om met het zelfde verschijningsbeeld diverse "neus"-bustypes te bouwen. Kort, langer, lang, kleine motor en motorkap, of juist groter of veel groter, breed, smal, smalst, de proporties klopten altijd en het verschijningsbeeld was universeel en herkenbaar.